Home Archief
Zondag 31 december 2008 (Oudejaarsavond) - Ds Evert Jan Veldman PDF Afdrukken E-mail
Overwegingen

"Alles heeft hij welgedaan."                                                                   Marcus 7 :37

 

"Alles heeft hij welgedaan." Eén mens wordt apart genomen - "Álles heeft hij welgedaan." Tussen het ‘één' en het ‘alles' ligt een zee van woede en verdriet, van eenzaamheid en afgesneden raken. Alle onrust van dit jaar dringt zich aan je op. In die zee is er geen grond onder de voeten. Wereldwijd gesymboliseerd in het trapezewerk van de economie in de nok van het dak van de wereld, dat naar beneden komt omdat het nergens meer op stoelde.

 

Maar het is in het evangelie alsof het lawaai van ineenstortende grootspraak en de paniek die dat teweeg overal brengt er niet meer zijn. Hoe komt het evangelie er bij om zo'n conclusie te durven trekken uit de genezing van één mens? Eén mens wordt bevrijd uit een onzichtbare gevangenis - Alles stroomt weer. Hoor en wederhoor. Stem en tegenstem. Communicatie. Eén mens. En allen roepen: "Alles heeft hij welgedaan."

 

 Ze hebben wel hun best gedaan om die ene bij Jezus te krijgen. Misschien wel omdat ze zich in die ene hebben herkend. Er kan zo veel op je afkomen dat je niet meer in staat bent om het in je op te nemen en om te zetten in zelfstandig handelen. Het is vaak niet eens duidelijk waar het begint. Sluit een mens zich af voor de wereld in een poging zichzelf te beschermen? Of sluit de loop van de dingen een mens buiten en maakt het hem tot slachtoffer van het lot?

 

Er is in het jaar dat achter ons ligt zo veel gebeurd dat een mens sprakeloos maakt. Het is alsof we elk jaar meer voortgejaagd worden van incident naar incident. Je verliest het overzicht. Het verband is zoek. Een jaar heeft geen verhaal meer. Het is als een afvalzak vol incidenten. Of positiever - als een grabbelton vol verrassingen. God, laat ons niet zitten met het lot. Het is zo anoniem. Je kunt er niet mee vechten. Met u wel. God, leg uw hand op ons. Schrijf een nieuw verhaal met ons.

 

Er is dit jaar ook veel gebeurd dat een mens sprakeloos van blijdschap maakt. Ervaringen die je vast zou willen houden. In het holst van de nacht op de bank meegenomen worden in een verhaal van hoop, uitgesproken door Barack Obama, uitgeroepen tot de 44e president van de V.S. Een gelijkenis van het evangelie: Eén mens wordt apart genomen - "Álles heeft hij welgedaan."  Of de geboorte van een kind, een nieuwe start, een ontmoeting die je wereld verruimde. Hoe gek het ook klinkt, ook die dingen moet een mens kunnen delen om er woord aan te kunnen geven en verhaal van te maken. Want verhalen kunnen mee naar morgen. Verhalen scheppen gemeenschap. Ze lokken oren om het te horen.

 

Het evangelie vertelt van een die ons apart neemt. Een lange weg heeft hij al afgelegd. Hij komt uit Tyrus. Hij trok door Sidon. Hij kwam naar de zee van Galilea tot midden in het gebied van de tien steden. Alles wat sprakeloos maakt heeft hij gezien. En hij heeft het niet alleen maar gezien, hij is er ook doorheen getrokken. Door alles heen wat sprakeloos maakt. In de steden is hij geweest waar men in de ogen van de gelovige Jood maar aanrotzooit en de kleinen het afleggen. En bij de zee, die herinnert aan de woeste wirwar van vóór de schepping, leven dat geen leven is.

 

Zijn verhaal is niet dat van een held. Het is het verhaal van een liefde, sterk als de dood. Omdat hij ons leven tot het zijne maakte, werd hij sprakeloos als wij. Omdat hij ons dood tot de zijne maakte, zuchtte de hemel: "Effatha - Ga open!" Sta op, toekomstmens! En hij stond op, gehoorzaam aan de liefde van God die alle verstand te boven gaat. En zo neemt hij de mens apart die nauwelijks nog ‘ik' kan zeggen omdat ‘alles' op zijn bordje ligt. Hij zucht "Effatha - Ga open!" Om oren te openen voor het grote nieuws dat God naar hem heeft omgezien. Hij grijpt zijn tong vast opdat hij nieuw kan zeggen: "Hier ben ik!".

 

"Alles heeft hij welgedaan." Het is de boventoon die heel de compositie draagt. Kwaad en tegenslag worden niet ontkend. En het goede dat er was hoeft niet te worden verzwegen. Wat niet deugde, wordt niet met de mantel der liefde bedekt. En wat te mooi voor woorden was, mag voluit klinken naast de klacht. En mocht u dat niet lukken vanavond, geen nood. Uw tong zal worden losgemaakt. En open gaan uw oren. Dat dát gebeurt, dát is het wonder. God staat niet toe dat u buiten spel komt te staan. Hij heeft de zee van verdriet en eenzaamheid droog gelegd om u te kunnen vinden.

 

Het volk in het evangelie bezingt de omgekeerde wereld: "Alles heeft hij welgedaan." Het bazuint het uit. En wij, wij willen het vanavond biddend overdenken en wachten tot het ook ons op de lippen wordt gelegd. Niet om te vergeten wat ons sprakeloos maakte, maar om het te bevrijden uit het isolement. In de liturgie voegen we ons in het danklied van het evangelie, oog in oog met het blinde lot: "Alles heeft hij welgedaan, hij doet ook de doven horen en de sprakelozen spreken!"

 

De dank is niet het eigendom van naïevelingen. De dank maakt mensen moedig, schenkt hen de durf om heel het wankele leven in een ander perspectief te zien. De dank leeft niet voorbij aan de nood en het onrecht. Protest en solidariteit worden uit de dank geboren en ontvangen van haar de lange adem.  En wat niet begrepen kan en mag worden, wordt kalm terug gelegd in Gods hand.

 

Dank aan de Eeuwige. Dank voor elkaar. Dank voor het jaar onzes Heren 2008. We laten het los en leggen het in zijn hand. Niet als een verloren zaak, een verloren jaar. Maar in het geloof dat alles opgetild wordt in de ene vreugde: "Alles heeft hij welgedaan."

 

 

Gebedsintenties

 

Wij bidden voor onze wereld, uw wereld,
groot is het verlangen naar een spoor
dat toekomst belooft voor kinderen en kindskinderen,
verlangen dat wedijvert met het onvermogen
en de onwil om recht te zetten en recht te doen.

Wij bidden voor wie wachten op solidariteit,
op een thuis in de wereld,
op het jubeljaar van recht en vrede.

 

Voor hen die mee bouwen aan toekomst,
geïnspireerde hulpverleners, begeesterde opvoeders,
moeders en vaders, kunstenaars,
mensen tegen de stroom van oppervlakkigheid in
die hoogte, diepte en perspectief aanreiken
aan de kinderen van vandaag.

 

En voor de gemeente van de Nieuwe Kerk
dat zij blijft vooruit grijpen op wat nog niet is,
biddend om de Geest die haar open houdt,
open naar elkaar, open naar de stad,
open naar de toekomst.

 

Wij bidden voor hen die niet meer geloven
dat zich nog iemand interesseert voor hun verhaal
en daarmee opgesloten raken in eigen gepeins
en bittere gedachten.

 

Voor hen die deze avond bepaald worden
bij het verdriet om een geliefde die gestorven
bij het dierbare dat voorbij gegaan is,
mensen die met pijn
de drempel van een nieuw jaar nemen.

 

Wij bidden voor hen die ziek zijn
en het nieuwe jaar tegemoet gaan
met een wankel lichaam en een onzekere geest.
En voor hen die genegenheid ontberen
voor wie de tedere momenten
tot vage herinneringen van vroeger zijn verschraald.

 

Om rust en ruimte bidden wij
waarin U komen kunt
en vreugde wordt geboren:

"Alles heeft hij welgedaan!"

.............................................

 


Copyright © 2009-2010 Nieuwe Kerk Groningen. Alle rechten voorbehouden.