facebook
twitter
logotype
deco

Artikelen

Een grapje of niet?

Micha en Mirjam zitten met Jezus onder de grote boom. Ze zitten tegenover elkaar en moeten om de beurt proberen de ander aan het lachen te maken. Zonder kietelen. Alleen maar door raar te kijken of gek te doen. Mirjam kijkt als een ernstige schooljuffrouw diep in Micha’s ogen tot hij begint te proesten. En Micha, op zijn beurt, kijkt smoorverliefd naar Mirjam, tot zij het niet meer heeft en begint te lachen.

Jezus vertelt: De oude Sara moest ook lachen om een vreemde gast. Sara vond hem een grappenmaker.  “Schuif aan,” had Abraham tegen de vreemde gast gezegd. “Plek genoeg aan tafel en schaduw van de boom.” “Sara krijgt een kindje,” zei de gast pardoes. Zo kun je iemand ook aan het lachen maken. Rare man. Sara lacht van binnen. Je kunt het zien aan haar gezicht. Lachen van binnen telt ook.

“Zou de oude Sara het een leuk grapje vinden?,” vraagt Mirjam. “Misschien wel en misschien niet,” zegt Jezus. “En misschien wel allebei. Want het kan niet. Sara is veel te oud. Maar stel nou eens dat…” Mirjam ziet het al voor zich. Dat zou lachen zijn! Dat is nou zo leuk van dingen denken. Dat je gedachten vrij zijn. En dat er dingen kunnen die eigenlijk niet kunnen.

Jezus hoort Micha brommen: “Maar dat kan toch helemaal niet?!” “Nee,” zegt Jezus, “Het kan niet. Maar het gebeurt wel. En als het kindje geboren wordt, dan lachen we allemaal. Zo moet die dan ook maar heten: Isaak – “Laten we lachen!” Micha kijkt Mirjam aan. “Gaatje!,” (met de wijsvinger naar het voorhoofd) lacht Micha. “Zie je wel,” zegt Mirjam, “Je lacht nu al.”       

Kinderverhaal 19 oktober 2014
Lezing: Genesis 18: 1 – 15
In de koffer: smiley